Om te onderzoeken hoe de toegankelijkheid en kunstontwikkeling voor mensen met een beperking kan worden vergroot, zijn er dit voorjaar een groot aantal enquêtes verstuurd naar centra voor de kunsten en zorgateliers. Gevraagd werd onder meer naar de werkwijze, voorzieningen en ervaringen van de instellingen. Naar aanleiding van deze enquêtes zijn uiteindelijk twintig organisaties geselecteerd die volgens Kunst Inclusief dienen als 'goede voorbeelden'. Zij zullen worden gevolgd voor verder onderzoek.
De schriftelijke enquête werd verstuurd aan 183 centra voor de kunsten en 154 ateliers. De respons daarop was 30%. Van de centra voor de kunsten reageerden er 54. Vanuit de ateliers was deze respons voldoende: de enquête sloot goed aan bij de praktijk. Bij de centra voor de kunsten was de respons erg laag. Tijdens telefonisch contact met de centra voor de kunsten zijn verschillende redenen gegeven voor de lage respons. De enquête was te veel vanuit het perspectief van de ateliers opgesteld en sloot te weinig aan bij de praktijk van de centra voor de kunsten. Deze werken niet alleen met beeldende vormen, maar ook met muziek, dans, theater, audiovisuele media en literatuur.
Onbeantwoorde enquêtes
De onbeantwoorde enquêtes bleken niet bij de juiste personen terecht te zijn gekomen. Docenten met vaak kleine aanstellingen werken verspreid over verschillende locaties. Een aantal vragen uit de enquête kon door deze docenten niet beantwoord worden. Directeuren gaven aan vaak niet te weten hoeveel mensen met een beperking er deelnemen, omdat deze mensen net als anderen en daarmee 'onopvallend' deelnemen.
Een hogere respons
Naar aanleiding van dit telefonisch contact zijn de enquêtes op naam verstuurd naar de juiste personen. Omdat de centra voor de kunsten minder bekend zijn met mensen met beperkingen, is besloten om hen in het kader van kennisverspreiding ter informatie het boekje Kunst en handicap in Nederland (1999) van Linus Hesselink en Petra Jorissen aan te bieden. De sluitingsdatum van de enquête is verlengd tot 7 februari. Dit alles heeft geresulteerd in een respons van ruim 35%.
Analyse van de enquêteresultaten
Voor de analyse van de gegevens is gebruik gemaakt van het programma SPSS. Uit de landelijke enquête is een overzicht ontstaan van de huidige inspanningen op het gebied van de stimulering van kunstzinnige talenten en participatie van mensen met een beperking. Hiermee kunnen we bekijken welke specifieke methoden en werkwijzen gehanteerd worden.
Selectiecriteria
Bij het landelijk onderzoek Kunst Inclusief zijn met behulp van kenmerken voor goede voorbeelden uit de literatuur in samenwerking met de betrokken consortiumpartners een aantal selectiecriteria geselecteerd. Te weten:
- De begeleiding van mensen met een beperking is gericht op kunstontwikkeling
- Het aantal mensen met een beperking dat deelneemt in de reguliere centra voor de kunsten.
- Er is een visie op kunstontwikkeling en participatie voor mensen met een beperking
- De visie is terug te vinden in de dagelijkse praktijk
- Er is een samenwerking tussen het reguliere en het ‘speciale’ aanbod
- Er zijn interessante methoden of werkwijzen ontwikkeld die goed gebruikt kunnen worden bij de kunstbegeleiding van mensen met een beperking.
- Er zijn suggesties voor het vergroten van de toegankelijkheid.
Geselecteerde goede voorbeelden
Met behulp van bovenstaande criteria zijn tien centra voor de kunsten en tien ateliers geselecteerd die aan zo veel mogelijk criteria voldoen. We willen benadrukken dat de niet-geselecteerde centra voor de kunsten of ateliers ook goed kunnen werken. Hiernaast vindt u de twintig goede voorbeelden die zijn geselecteerd om meer kennis te kunnen genereren, ontwikkelen en verspreiden.